Mijns inziens begeven buitengewoon veel mensen zich op Facebook zonder goed te doordenken wat ze daar allemaal publiceren. Dat is hun goed recht en daar wil ik ook niet aankomen. Wel wil ik er een beetje aan gaan rammelen als het gaat om mensen die jonge kinderen hebben. Ik heb het al eens eerder gezegd en ik erger me er op allerlei momenten aan: volgens mij is het buitengewoon onverstandig om foto's van je kinderen zomaar op internet te zetten.
Kinderen worden al op zeer jonge leeftijd geconfronteerd met mediawijsheidsonderwijs (is dat een woord?). Gaande hun basisschoolopleiding zijn er allerlei projecten waarin kinderen worden gewezen op de gevaren van social media. Mensen als de zeer ter zake kundige Thewata Muller trekken het aandachtsveld voor de opvoeder nog breder, want zij heeft ook veel oog voor allerlei games die kinderen online doen. Kortom, voor de opvoeder is er nog veel terrein om voorzichtig op te opereren samen met onze kinderen.
Om mij heen zie ik buitengewoon veel jonge ouders die - terecht! - heel trots zijn op hun kinderen. Via Facebook delen zij dikwijls foto's met de wereld en op die manier kun je de hele jeugd van hun kroost nauwkeurig volgen. Dat betekent dus ook die die jeugd goed gedocumenteerd op het web staat opgeslagen. En wat op internet staat, krijg je er niet zomaar meer af. Bovendien is het delen van leuk materiaal in één klikje geregeld.
Zoals gezegd, ook ik pak te pas en te onpas mijn smartphone uit mijn zak om weer een plaatje te schieten van mijn dochter, een prachtige kleuter. Haar jeugd is nu al zo veel beter vastgelegd dan die van mij. Maar ik zet ze niet zomaar op internet. Bovendien, zoals gezegd bedenk ik me ook hoeveel moeite ik zou moeten doen om soortgelijke foto's van mijzelf op het web te slingeren (zo die er zijn).
Ik wil niet belerend gaan doen, want ik gun iedereen zijn pleziertje; ook de 'like-aholics'. Maar dit onderwerp gaat me écht, écht aan het hart. Ook ik ben een trotse vader en alleen al vandaag heb ik weer een paar leuke foto's gemaakt van mijn dochter die me heus een paar fijne likes hadden opgeleverd. Maar ik bedwing me. Het lijkt me vervelend als ik mijn dochter op haar tiende (ofzo) voorhoud dat ze niet zomaar elke foto online moet plaatsen en dat zij me erop wijst dat ze al tientallen keren op het web staat.
Over game-based storytelling, teambuilding, persoonlijkleiderschap, blended learning en andere vehikels voor het vergroten van vertrouwen.
zondag 23 februari 2014
maandag 17 februari 2014
Schieten, genieten en de literaire mindmap

In zo'n heerlijk pedagogisch groepsgesprek is naar voren gekomen dat verreweg de meeste jongens (en een paar meisjes) James Bond wel tof vinden. Nu ben ik een groot liefhebber van James Bond en van de werken van Ian Fleming, dus ik heb verteld hoe de film-Bond verschilt van de boeken-Bond. Daaruit vloeide voort dat ik het eerste hoofdstuk van de roman Casino Royale heb voorgelezen. (Voor de kenners: dat hoofdstuk waarin Fleming zijn personage introduceert als een beheerste, wrede en welhaast paranoïde man.) Dat fragment bleek naar meer te smaken.
Daarna heb ik de leerlingen laten werken aan een mindmap over het gelezene. (Bond-muziek op de achtergrond.) Wat een mindmap is, heb ik natuurlijk wel even uitgelegd. Elke leerling heeft er een voor zichzelf gemaakt, maar er is wel gewerkt in groepjes om de collectieve intelligentie aan te boren. Van de zeven hoofdlijnen die Koek noemt, heb ik er vier gekozen: plot, personages, tijd en ruimte. Anders vond ik het te moeilijk om te beginnen; een volgende keer plak ik er wel een lijn bij.
Wat er daarna is gebeurd, is vooral de reden waarom ik dit alles wil delen: volgens mij heb ik wel twintig subdoelen geraakt die ik helemaal niet heb kunnen bevroeden van te voren. Fleming is een schrijver van details en elk detail is gewikt en gewogen. De leerlingen hebben uitgezocht hoe het Checkpoint Charlie er uitzag voor de komst van de Berlijnse Muur, hoe dat specifieke type sluipschuttersgeweer van Bond eruit zag, hoe het zat met contraspionage en ik weet niet wat allemaal meer. Mijn digibord en hun smartphones en laptopjes hebben rood gegloeid van alle inspanningen. Het was echt genieten.
De resultaten mochten er zijn: zelfs de grootste onderpresteerders hebben hard gewerkt. Mooie, gedetailleerde tekeningen van personages, plattegronden en zelfs wapens (tja...) zijn voorbij gekomen. Tot op vrij hoog niveau zijn plot, personages, ruimte en tijd uiteen gerafeld. Het nakijken is dus ook buitengewoon prettig geweest. Wel hebben veel leerlingen tijd uitgelegd als tijdsbeeld, maar dat heb ik niet erg gevonden. Integendeel, juist weer veel kleine zaken zijn opgevallen, variërend van telegrammen tot omgangsvormen die als niet meer van deze tijd zijn geïdentificeerd door de leerlingen. Leuk!
Kortom, als je met je leerlingen hebt uitgemaakt waar te starten met lezen voor gevorderden, aarzel dan niet om de literaire mindmap van Martijn Koek in te zetten voor de verwerking. Het daagt de leerlingen uit om over elk detail na te denken van hetgeen er is gelezen, het nodigt uit tot samenwerken en het visualiseert en ordent wat er in al die koppies omgaat. Nu gaan de meisjes eens het uitgangspunt vormen voor de keuze van het volgende leeswerk.
woensdag 12 februari 2014
Over nieuwe Promotiebeurzen voor leraren (en een moederlijke minister)
Hoera! Maandag heeft een derde lichting gelukkigen de Promotiebeurs voor leraren in ontvangst mogen nemen ten huize van het NWO te Den Haag. Jet Bussemaker, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, heeft de beurzen uitgereikt aan alle nieuwe collega's. Ik vond de bijeenkomst erg leuk.
Foto: Arie Wapenaar/NWO |
Daarna vertelde Bussemaker hoe zij zélf in deeltijd is gepromoveerd. Ook zij had twee onderzoeksdagen naast een drukke baan, dus ook zij moest keuzes maken. Ook zij kon niet zomaar dingen uitstellen. En ja, ook zij zat regelmatig met een vol hoofd tegenover haar promotor om samen weer chocola te maken van alles daarin. Bussemaker benadrukte hoe goed het is om ook onderling contact te hebben gaande de rit, want het is heel mooi, maar ook zwaar. Dat persoonlijke verhaal vond ik erg sterk en herkenbaar.
![]() |
Foto: Arie Wapenaar/NWO |
Ik vond het belangrijk om te benadrukken dat het niet uitmaakt wát je onderzoekt, maar dat je je omgeving laat zien dat je iets gepassioneerd kan doen, op welk niveau dan ook. Dat inspireert leerlingen ook, want die zien dat je niet woont in lokaal 51, maar dat je de wereld ingaat. ("Non scholae sed vitae (discimus)", staat er op een centrale vloer op het Canisius College en zo is het maar net.) Peter Schaap heeft duidelijk gemaakt dat hij het belangrijk vindt dat een school aan collega’s de ruimte biedt om zich te ontwikkelen op gebieden die hen aan het hart gaan. Natuurlijk moeten de lessen gegeven blijven worden, maar die worden beter als er betrokken en enthousiaste mensen voor die klas staan.
Drie nieuwe laureaten hebben hun grote enthousiasme ook meteen mogen tonen. Zo vraagt Frederike Groothoff zich af hoe kleuters die nieuw zijn in Nederland zo snel mogelijk hun woordenschat kunnen vergroten om aan te sluiten bij hun Nederlands sprekende leeftijdsgenootjes. Bert Mooiman onderzoekt of negentiende eeuwse componisten hun partituur als heilig beschouwden of dat er juist ruimte werd gegeven voor improvisatie. Aafke Oldenbeuving stort zich op het in kaart brengen van talloze soorten wespen die zich specialiseren in bevruchting van vijgen. Alle drie getuigen zij van de enorme diversiteit aan onderwerpen die ook sinds dit jaar weer worden onderzocht.
Er zijn gelukkig grandioos veel collega's die hun expertise vergroten door masteropleidingen te volgen, verdiepingscursussen te doen of door te promoveren naast hun baan. De laatste 'club' kent inmiddels meer dan honderd leden! Dat geeft de burger moed.
Toch is er nog veel potentie onder de radar. Voor die mensen is er goed nieuws, want de minister heeft voor 2014 nog eens 90 promotiebeurzen beschikbaar gesteld. Als je dus het gevoel hebt dat je dit altijd al hebt willen doen: ga ervoor. Weet je niet precies hoe en waar je moet beginnen? Lees dan een eerder bericht van mij (een soort handleiding). Neem contact op met het NWO of met een van ons. Je weet immers nooit tot welke interessante ontmoetingen het hele traject kan leiden!
P.S. Laureaten van de Promotiebeurs voor leraren die nog niet in de contactgroep zitten, maar dat wel willen, mogen contact opnemen met mij! Graag!
zondag 9 februari 2014
Over met jou de hemelpoort in dansen
![]() |
Detail van de Liederen-Courant (KB, niet gecatalogiseerd) |
Carice van Houten zingt het liedje in Zwartboek. Sinds die film heb ik al twee maal gehoord dat het lied een nazi-lied is. Nee! Het mooie liefdesliedje duikt weliswaar voor het eerst op in de nazi-tijd, maar het is een liefdesliedje uit een komische film naar Hollywoodmodel. In Die Sieben Ohrfeigen (1937) is het lied al instrumentaal te horen. In datzelfde jaar verschijnt het, met gezongen tekst, ook op een plaatje van Willy Fritz en Lilian Harvey, de hoofdrolspelers van de film. De muziek is van Friedrich Schröder, de tekst van Hans Fritz Beckmann.
Als je "Ik dans met jou de hemelpoort in" in Google intypt, dan stuit je vrij onmiddellijk op websites voor senioren. Deze Nederlandstalige uitvoering lijkt dan ook nog in het collectieve geheugen te zitten. Seniorplaza lijkt aan te geven dat Willy Alberti en Johnny Jordaan verantwoordelijk zijn voor de Nederlandse vertaling. Dat is mogelijk, maar degene die het lied publiceert op de site maakt dit niet duidelijk. Muziekweb geeft in elk geval een uitvoering van Henk de Bruin, maar die is volgens mij van na de oorlog. Het lijkt me dan ook onwaarschijnlijk dat hij de tekstdichter is geweest. Bovendien, ook de Nederlandse Liederenbank (Meertens Instituut) geeft geen uitsluitsel over wie verantwoordelijk geacht moet worden voor de versie in onze taal.
"Ik dans met jou de hemelpoort in" doet me denken aan mijn oma Ursula. Enkele keren heb ik het ook - in het Duits - gezongen in verzorgingshuizen en altijd heb ik dementerende, in zichzelf gekeerde mensen (waaronder ook eens oma) zien opengaan als een bloem, om minimaal mee te deinen. Het lieflijke liedje is verschenen in de nazi-tijd, maar het heeft er niets mee van doen. Al snel is het ook in het Nederlands vertaald. Maar degene die weet wie we daarvoor mogen danken, mag het zeggen.
woensdag 27 november 2013
Padlet is inderdaad een fijne vriend!
Omdat ik welhaast nooit teleurgesteld raak in het delen met anderen, deel ik ook mijn ervaringen graag met Padlet. Op deze site (www.padlet.com) kom ik ook weer dankzij het delen, want collega's uit de Facebook-groep Leraar Nederlands (bedankt Anita en Cefas!) hebben mij op dit fenomeen gewezen in reactie op mijn Socrative-stukje. Volgens de makers van Padlet is hun creatie je beste vriend en dat zou zomaar zo kunnen zijn.
Padlet is in principe een tabula rasa waarop iedereen iets kan kladderen als die hetzelfde adres in de menubalk intikt. Dat adres kun jij ook aanpassen en het is zelfs mogelijk om een QR-code in beeld te brengen, zodat mensen met een vrij lage nerd-factor al niet eens hoeven te typen om bij jouw Padlet-bord te komen. Daarna kan iedereen meteen aan de slag, dus je kunt werkelijk meteen gaan samenwerken met je leerlingen. (Tip: zorg dat je leerling niet op het plusteken drukt, want dan start hij zijn eigen bord op.)
Voor een paar situaties heb ik het al geprobeerd en die voorbeelden geef ik hieronder. Overigens heb ik ook met enkele leerlingen getest of Padlet prettig is bij het tekstverklaren, maar daar vonden leerlingen Socrative weer beter geschikt voor; de interface is overzichtelijker. Padlet kun je overigens ook zo indelen dat alle posts onder elkaar komen, maar dan neemt het geheel meer ruime in.
Correctiemodel maken
In het verleden heb ik al eens ICT gebruikt om onmiddellijk een perfect correctiemodel in beeld te krijgen dat door de collectieve intelligentie van mijn leerlingen tot stand is gekomen. Een gemakkelijker programma dan Padlet om zoiets te bereiken heb ik nog niet gezien. Het recept is simpel: je start padlet op, je leerlingen pakken hun mobieltjes en je zegt dat je over tien minuten op het bord een blakend correctiemodel wil zien voor opdracht 17.
Bij het bespreken orden je met je muis gemakkelijk de antwoorden door ze op een goede plek te zetten, je wist eventuele flauwekul (en spreekt pedagogische woorden tegen de vervuiler) en je checkt vervolgens op inhoud. Een kind kan de was doen. Leerlingen blij, jij blij.
Brainstormen
In mijn examenklassen behandelen we nu het schriftelijk betoog. Via Padlet poneer ik een stelling en ik verdeel het beeld in tweeën (het voorbeeld hieronder geeft de eerste paar minuten weer) door een achtergrond te uploaden met ruimte voor voor- en tegenargumenten. (Liefhebbers kunnen mijn bureaublad hieronder downloaden.) Na enige tijd sluit ik de markt en zet ik de leerlingen aan het werk met de argumenten die uit de brainstorm komen. Hier was ik blij verrast door de grote mate van creativiteit die leerlingen binnen tien minuten te berde kunnen brengen. Ook hier sleep je desgewenst antwoorden naar een juiste plek, dus brainstormen was nog nooit zo gemakkelijk.
Ik kan mij levendig voorstellen dat collega's die probleemgestuurd onderwijs geven geweldig veel plezier gaan beleven aan deze site.
Plus
Net als een blad papier zijn de mogelijkheden natuurlijk behoorlijk eindeloos. Ik heb Padlet ook gebruikt om felicitaties te laten opschrijven voor een jarig meisje, om een planning te maken en voor wat variaties op het antwoord-gebeuren. Padlet is inderdaad een fijne vriend. Ik kan me levendig voorstellen dat er nog veel meer ideeën rijzen, dus ik zou eenieder willen oproepen om succesnummers hieronder vooral te delen!
Bijlage: achtergrond voor argumenteren
Padlet is in principe een tabula rasa waarop iedereen iets kan kladderen als die hetzelfde adres in de menubalk intikt. Dat adres kun jij ook aanpassen en het is zelfs mogelijk om een QR-code in beeld te brengen, zodat mensen met een vrij lage nerd-factor al niet eens hoeven te typen om bij jouw Padlet-bord te komen. Daarna kan iedereen meteen aan de slag, dus je kunt werkelijk meteen gaan samenwerken met je leerlingen. (Tip: zorg dat je leerling niet op het plusteken drukt, want dan start hij zijn eigen bord op.)
Voor een paar situaties heb ik het al geprobeerd en die voorbeelden geef ik hieronder. Overigens heb ik ook met enkele leerlingen getest of Padlet prettig is bij het tekstverklaren, maar daar vonden leerlingen Socrative weer beter geschikt voor; de interface is overzichtelijker. Padlet kun je overigens ook zo indelen dat alle posts onder elkaar komen, maar dan neemt het geheel meer ruime in.
Correctiemodel maken
In het verleden heb ik al eens ICT gebruikt om onmiddellijk een perfect correctiemodel in beeld te krijgen dat door de collectieve intelligentie van mijn leerlingen tot stand is gekomen. Een gemakkelijker programma dan Padlet om zoiets te bereiken heb ik nog niet gezien. Het recept is simpel: je start padlet op, je leerlingen pakken hun mobieltjes en je zegt dat je over tien minuten op het bord een blakend correctiemodel wil zien voor opdracht 17.
Bij het bespreken orden je met je muis gemakkelijk de antwoorden door ze op een goede plek te zetten, je wist eventuele flauwekul (en spreekt pedagogische woorden tegen de vervuiler) en je checkt vervolgens op inhoud. Een kind kan de was doen. Leerlingen blij, jij blij.
Brainstormen
In mijn examenklassen behandelen we nu het schriftelijk betoog. Via Padlet poneer ik een stelling en ik verdeel het beeld in tweeën (het voorbeeld hieronder geeft de eerste paar minuten weer) door een achtergrond te uploaden met ruimte voor voor- en tegenargumenten. (Liefhebbers kunnen mijn bureaublad hieronder downloaden.) Na enige tijd sluit ik de markt en zet ik de leerlingen aan het werk met de argumenten die uit de brainstorm komen. Hier was ik blij verrast door de grote mate van creativiteit die leerlingen binnen tien minuten te berde kunnen brengen. Ook hier sleep je desgewenst antwoorden naar een juiste plek, dus brainstormen was nog nooit zo gemakkelijk.
Ik kan mij levendig voorstellen dat collega's die probleemgestuurd onderwijs geven geweldig veel plezier gaan beleven aan deze site.
Plus
Net als een blad papier zijn de mogelijkheden natuurlijk behoorlijk eindeloos. Ik heb Padlet ook gebruikt om felicitaties te laten opschrijven voor een jarig meisje, om een planning te maken en voor wat variaties op het antwoord-gebeuren. Padlet is inderdaad een fijne vriend. Ik kan me levendig voorstellen dat er nog veel meer ideeën rijzen, dus ik zou eenieder willen oproepen om succesnummers hieronder vooral te delen!
Bijlage: achtergrond voor argumenteren
maandag 18 november 2013
Socrative vergroot inzicht tekstverklaren
Sinds Socrative medio oktober een doorstart heeft gemaakt, is het écht een goedlopende en eenvoudig te gebruiken hulpmiddel geworden voor onderwijsdoeleinden. Voor mensen die de site niet kennen: via Socrative kun je gemakkelijk een of meerdere vragen voorleggen aan je toehoorders en zij kunnen die beantwoorden met laptop, tablet of mobiele telefoon. De antwoorden kunnen onmiddellijk en real time worden getoond via een beamer in de vorm van statistieken en na afsluiting kan er een rapport worden gedownload in de vorm van een Excel-bestand. Dit superhandige middel is een geweldige oplossing bij het bespreken van tekstverklaringen.
Elke talendocent weet dat het bespreken van een juist gemaakte tekstverklaring een verzoeking is: leerlingen vinden het saai - de docent eigenlijk ook - en dikwijls moet welhaast de knoet verschijnen om nog enige vragen meer te kunnen behandelen. Een collega van mij zegt ook vaak: "Ik kan er een korte broek bij aantrekken, maar een leestekst bespreken wordt er niet leuker door." Het is dan ook moeilijk om leerlingen te betrekken bij dit wonderlijke fenomeen.
Via Socrative kun je leerlingen ook gemakkelijker bij deze les houden. Niet alle leerlingen hebben een telefoon met internet, maar ik heb nog niet meegemaakt dat dit tot problemen leidt. Ik benoem dat en ik verzoek vooral om met elkaar op schermpjes te kijken: samen spelen is immers samen delen.
Bespreken van een open vraag
Hoewel je allerlei quizzen kunt klaarzetten in een mum van tijd, kun je ook gebruik maken van de optie om onmiddellijk een vraag te stellen. Dit doe ik bijvoorbeeld bij het bespreken van een open vraag. Natuurlijk heeft de leerling vooraf al een tekstverklaring gemaakt en dan vraag ik hem om bijvoorbeeld het antwoord op vraag 5 te geven. Alle leerlingen doen dat en dat levert onmiddellijk een overzicht op via je beamer (zie voorbeeld). Vervolgens ga ik alle antwoorden een voor een af.
Per saldo krijg je natuurlijk te zien wat je ook voor je krijgt als je corrigeert. Nu kun je meteen per leerling vertellen hoeveel punten die zou krijgen - of juist niet -, wat er scherper geformuleerd kan worden en welke vormeisen je stelt. Mijn ervaring: werkelijk alle leerlingen zeggen hiervan iets op te steken én de les nog leuker te vinden ook.
Bespreken van gesloten vragen
Het onmiddellijk in beeld brengen van statistieken kan goed helpen bij het samen uitzoeken waarom een meerderheid bij multiple choice vragen B antwoordt, terwijl A goed is. Of waarom een bepaalde formulering sterker is. Op deze wijze breng je ook gemakkelijk voor het voetlicht hoe er prudent moet worden geciteerd.
Randverschijnselen trainen
Leerlingen vinden het ook fijn om als je snel een quizje in elkaar flanst over randverschijnselen van het tekstverklaren. Zo is het aardig om de laatste tien minuten van de les nog eens drogredenen te oefenen met een van te voren gemaakte quiz. Nadeel van Socrative is hooguit dat je niet meer dan vijf keuzeopties kunt aanbieden, maar verder zijn er alleen maar voordelen te ontdekken. Maar vooral het - zeg maar - 'boter-bij-de-vis-principe' van de real-timestatistieken werkt buitengewoon confronterend en prettig.
Voorwaarden
Van te voren moet je natuurlijk wel een paar dingen scherp hebben met elkaar, voordat je gaat beginnen met Socrative. Je zult merken dat aanvankelijk leerlingen wat gaan klooien (voornamelijk malle schuilnamen opgeven of malle antwoorden geven). Aangezien de goegemeente het erg gaat waarderen dat je eens wat anders doet in je les, zal het geklooi sterk afnemen onder groepsdruk. Als het je stoort met je het gewoon benoemen en ook hier heb ik geen serieuze obstakels ervaren.
Sowieso Socrative
Je zult merken dat je heel snel en efficiënt kunt werken met Socrative, omdat je leerling alleen jouw Room number overneemt om deel te nemen. Dat nummer staat in elk scherm, dus dat is intelligent ontworpen. Vervolgens start je jouw quiz en kies je of jij of de leerling het tempo bepaalt. Naderhand bespreek je naar wens de rapportage. Een Space Race wil nogal eens een leuke manier zijn om een reeds gemaakte quiz nogmaals te doen onder druk.
Experimenteer er maar lustig op los. De opties om een vraag op te maken zijn weliswaar beperkter dan bij bijvoorbeeld GoSoapBox, maar de software werkt en dat is een groot goed. Mocht je niet meteen willen knutselen, dan kopiëer je hieronder een van de dingetjes die ik al heb gemaakt. Aarzel niet om jouw producten ook te delen!
Enkele succesnummers:
Beeldspraak SOC-2287675 (3 havo: alleen vergelijking, metafoor, metonymia en personificatie)
Tot slot
Tekstverklaren is op zichzelf een nuttige activiteit en dit verhaal staat los van de (noodzakelijke!) discussie over de inhoud van het Centraal Examen. Het is helemaal niet verkeerd om kinderen te leren om te gaan met toetstaal of bij te brengen hoe je een alinea kritisch beschouwt; zeker niet in het huidige tijdperk, waarin het aantal teksten als een diarree over deze kinderen heen regent. Als je creatief omgaat met een programma als Socrative, maak je het jezelf ook een stuk gemakkelijker. (Zo gebruiken je leerlingen hun mobieltjes meteen nuttig in jouw les. Da's een win-win-situatie!)
Je zult het begrijpen: ik hoor graag wat jouw ervaringen zijn met dit of een dergelijk programma!
Elke talendocent weet dat het bespreken van een juist gemaakte tekstverklaring een verzoeking is: leerlingen vinden het saai - de docent eigenlijk ook - en dikwijls moet welhaast de knoet verschijnen om nog enige vragen meer te kunnen behandelen. Een collega van mij zegt ook vaak: "Ik kan er een korte broek bij aantrekken, maar een leestekst bespreken wordt er niet leuker door." Het is dan ook moeilijk om leerlingen te betrekken bij dit wonderlijke fenomeen.
Via Socrative kun je leerlingen ook gemakkelijker bij deze les houden. Niet alle leerlingen hebben een telefoon met internet, maar ik heb nog niet meegemaakt dat dit tot problemen leidt. Ik benoem dat en ik verzoek vooral om met elkaar op schermpjes te kijken: samen spelen is immers samen delen.
Bespreken van een open vraag
Hoewel je allerlei quizzen kunt klaarzetten in een mum van tijd, kun je ook gebruik maken van de optie om onmiddellijk een vraag te stellen. Dit doe ik bijvoorbeeld bij het bespreken van een open vraag. Natuurlijk heeft de leerling vooraf al een tekstverklaring gemaakt en dan vraag ik hem om bijvoorbeeld het antwoord op vraag 5 te geven. Alle leerlingen doen dat en dat levert onmiddellijk een overzicht op via je beamer (zie voorbeeld). Vervolgens ga ik alle antwoorden een voor een af.
Per saldo krijg je natuurlijk te zien wat je ook voor je krijgt als je corrigeert. Nu kun je meteen per leerling vertellen hoeveel punten die zou krijgen - of juist niet -, wat er scherper geformuleerd kan worden en welke vormeisen je stelt. Mijn ervaring: werkelijk alle leerlingen zeggen hiervan iets op te steken én de les nog leuker te vinden ook.
Bespreken van gesloten vragen
Het onmiddellijk in beeld brengen van statistieken kan goed helpen bij het samen uitzoeken waarom een meerderheid bij multiple choice vragen B antwoordt, terwijl A goed is. Of waarom een bepaalde formulering sterker is. Op deze wijze breng je ook gemakkelijk voor het voetlicht hoe er prudent moet worden geciteerd.
Randverschijnselen trainen
Leerlingen vinden het ook fijn om als je snel een quizje in elkaar flanst over randverschijnselen van het tekstverklaren. Zo is het aardig om de laatste tien minuten van de les nog eens drogredenen te oefenen met een van te voren gemaakte quiz. Nadeel van Socrative is hooguit dat je niet meer dan vijf keuzeopties kunt aanbieden, maar verder zijn er alleen maar voordelen te ontdekken. Maar vooral het - zeg maar - 'boter-bij-de-vis-principe' van de real-timestatistieken werkt buitengewoon confronterend en prettig.
Voorwaarden
Van te voren moet je natuurlijk wel een paar dingen scherp hebben met elkaar, voordat je gaat beginnen met Socrative. Je zult merken dat aanvankelijk leerlingen wat gaan klooien (voornamelijk malle schuilnamen opgeven of malle antwoorden geven). Aangezien de goegemeente het erg gaat waarderen dat je eens wat anders doet in je les, zal het geklooi sterk afnemen onder groepsdruk. Als het je stoort met je het gewoon benoemen en ook hier heb ik geen serieuze obstakels ervaren.
Sowieso Socrative
Je zult merken dat je heel snel en efficiënt kunt werken met Socrative, omdat je leerling alleen jouw Room number overneemt om deel te nemen. Dat nummer staat in elk scherm, dus dat is intelligent ontworpen. Vervolgens start je jouw quiz en kies je of jij of de leerling het tempo bepaalt. Naderhand bespreek je naar wens de rapportage. Een Space Race wil nogal eens een leuke manier zijn om een reeds gemaakte quiz nogmaals te doen onder druk.
Experimenteer er maar lustig op los. De opties om een vraag op te maken zijn weliswaar beperkter dan bij bijvoorbeeld GoSoapBox, maar de software werkt en dat is een groot goed. Mocht je niet meteen willen knutselen, dan kopiëer je hieronder een van de dingetjes die ik al heb gemaakt. Aarzel niet om jouw producten ook te delen!
Enkele succesnummers:
Drogredenen SOC-2470225 (Ik wil de terminologie nog aanpassen op die van de Examenbundels.)
Signaalwoorden SOC-2297800
Stijlfouten aanwijzen SOC-2243888 (5 havo-niveau)
Werkwoordsspelling 2 SOC-2313384
Werkwoordsspelling 1 SOC-2313216Beeldspraak SOC-2287675 (3 havo: alleen vergelijking, metafoor, metonymia en personificatie)
Tot slot
Tekstverklaren is op zichzelf een nuttige activiteit en dit verhaal staat los van de (noodzakelijke!) discussie over de inhoud van het Centraal Examen. Het is helemaal niet verkeerd om kinderen te leren om te gaan met toetstaal of bij te brengen hoe je een alinea kritisch beschouwt; zeker niet in het huidige tijdperk, waarin het aantal teksten als een diarree over deze kinderen heen regent. Als je creatief omgaat met een programma als Socrative, maak je het jezelf ook een stuk gemakkelijker. (Zo gebruiken je leerlingen hun mobieltjes meteen nuttig in jouw les. Da's een win-win-situatie!)
Je zult het begrijpen: ik hoor graag wat jouw ervaringen zijn met dit of een dergelijk programma!
woensdag 13 november 2013
Heilige drievuldigheid: professionals op social media
De afgelopen maand heb ik elke week één keer een vraag gehad over hoe een professional zich op social media dient te gedragen. Ik pretendeer de wijsheid niet in pacht te hebben. Echt zwart-witte stelregels zijn niet goed op te stellen, want er is veel grijs gebied en veel nog te ontdekken terrein. Toch denk ik dat het speelveld waarop een professional die social media gebruikt drie hoeken heeft en die wil ik hieronder nader verkennen: rolmodel, erkenning en toepassing. Deze 'heilige drievuldigheid' ligt naar mijn mening ten grondslag aan goede persoonlijke beschouwingen en zelfs aan beleid.
Rolmodel
Of je een Facebook/Insta-/watdanook-account hebt of niet, jij bent sowieso altijd de volwassene. Dat betekent dat jij door je ervaring en gezonde verstand voorligt op jouw leerling of jongere collega, ook als die op technologisch vlak jou aftroeft. Met dat zelfvertrouwen kun je alle situaties dus ook aangaan.
Heb je een account op Facebook, Twitter, Whatsapp of waar dan ook, dan is het goed om al basisregel te hanteren dat je je altijd als een leraar zult moeten gedragen. Je kunt afschermen wat je wil, het is niet verstandig om bepaalde foto's te publiceren. Ik vind het immers ook niet verstandig om ten overstaande van jouw leerlingen door een rood verkeerslicht te fietsen of om stomdronken uit een kroeg te kukelen. Lang, lang geleden, toen Hyves nog een goedlopend netwerk was, heb ik hierover meer geschreven en daarvan neem ik nog steeds geen woord terug.
Het is raadzaam om eens voor de ogen van een klas te surfen op een klasgenoot (met toestemming - dit kan ook met een afdeling ofzo), om te bekijken wat die allemaal heeft gepubliceerd op internet. Maar net zo raadzaam is het om dan bijvoorbeeld jouw Facebook-pagina in beeld te brengen om de keuzes die jij maakt ter discussie te stellen. Je zult ervan versteld staan wat je samen kunt opsteken van zo'n exercitie.
Tips:
Erkenning
Als je niet serieus neemt dat jouw leerling een grote behoefte heeft aan het (mobiele) gebruik van social media, dan creëer je een grote kloof tussen jou en hem. Je hoeft geen accounts aan te maken om toch samen met leerlingen te kijken wat ze allemaal doen en interesse te tonen. Een leerling die zich niet erkend voelt door jou, wil ook niets van jou leren. Erkenning is dus een normaal, ouderwets gegeven dat complete digibeten ook kunnen opbrengen.
Tips:
Toepassing
Het leukste vind ik het om te kijken waar ik sociale media kan inzetten voor het leerproces van collega's, studenten of leerlingen. Of voor het vereenvoudigen van mijn werk. Om die reden heb ik er geen moeite mee om (oud-)leerlingen toe te laten tot mijn contacten. Dat houdt wel in dat ik voortdurend in gesprek ben met hen over wat ik hen zie doen, waar mijn eigen grenzen liggen en wat wellicht moreel of anderszins niet goed te behappen is.
(Als dingen écht de spuigaten uitlopen, vind ik ook dat je een meldplicht hebt ten opzichte van ouders en zelfs de betreffende schoolleiding. In verreweg de meeste gevallen kom je er samen met een leerling uit: die rectificeert of verontschuldigd. Verwijderen is ook een optie, maar altijd in combinatie met excuses.)
Sowieso vind ik mobieltjes een toevoeging aan de zaken die leerlingen meenemen in een leslokaal. Ik kan dan ook niet genoeg aanbevelen dat mensen experimenteren met de mogelijkheden van social media (of educatieve programma's als Socrative of GoSoapbox). Geloof me, als je goed gebruik maakt van de schier oneindige mogelijkheden van alle mooie techniek van vandaag en morgen, zullen leerlingen je lessen leuker en nuttiger vinden, hoe saai de stof ook mag zijn.
Ik geloof niet per se in projecten, tenzij ze goed zijn. Veeleer geloof ik dat het verstandiger is om social media te zien als zuurstof of voedsel; het is normaal gesproken voorhanden en je gebruikt het. Als het moet, moet het lesboek dan ook even worden neergelegd om het over social media te hebben; vooral in het geval van storingen, want die gaan immers voor.
Tips:
Rolmodel
Of je een Facebook/Insta-/watdanook-account hebt of niet, jij bent sowieso altijd de volwassene. Dat betekent dat jij door je ervaring en gezonde verstand voorligt op jouw leerling of jongere collega, ook als die op technologisch vlak jou aftroeft. Met dat zelfvertrouwen kun je alle situaties dus ook aangaan.
Heb je een account op Facebook, Twitter, Whatsapp of waar dan ook, dan is het goed om al basisregel te hanteren dat je je altijd als een leraar zult moeten gedragen. Je kunt afschermen wat je wil, het is niet verstandig om bepaalde foto's te publiceren. Ik vind het immers ook niet verstandig om ten overstaande van jouw leerlingen door een rood verkeerslicht te fietsen of om stomdronken uit een kroeg te kukelen. Lang, lang geleden, toen Hyves nog een goedlopend netwerk was, heb ik hierover meer geschreven en daarvan neem ik nog steeds geen woord terug.
Het is raadzaam om eens voor de ogen van een klas te surfen op een klasgenoot (met toestemming - dit kan ook met een afdeling ofzo), om te bekijken wat die allemaal heeft gepubliceerd op internet. Maar net zo raadzaam is het om dan bijvoorbeeld jouw Facebook-pagina in beeld te brengen om de keuzes die jij maakt ter discussie te stellen. Je zult ervan versteld staan wat je samen kunt opsteken van zo'n exercitie.
Tips:
- Een goede professional is te allen tijde een goede leraar in de digitale ruimte.
- Een goede leraar gebruikt social media als een digitale schutting om zijn privéleven en denkt na over welke plaatjes op die schutting worden geplakt. (Ook theoretisch, als die niet wil deelnemen aan social media.)
- Een goede leraar onderzoekt, experimenteert en is kritisch ten opzichte van zijn eigen gedrag.
Erkenning
Als je niet serieus neemt dat jouw leerling een grote behoefte heeft aan het (mobiele) gebruik van social media, dan creëer je een grote kloof tussen jou en hem. Je hoeft geen accounts aan te maken om toch samen met leerlingen te kijken wat ze allemaal doen en interesse te tonen. Een leerling die zich niet erkend voelt door jou, wil ook niets van jou leren. Erkenning is dus een normaal, ouderwets gegeven dat complete digibeten ook kunnen opbrengen.
Tips:
- Een goede professional begrijpt dat een mobiele telefoon met internetverbinding en bijhorende social media een grote behoefte is voor zijn leerling (en jonge collega).
- Een goede leraar volgt de ontwikkelingen die zijn leerlingen en jonge collega's bezighouden door met ze in gesprek te blijven.
- Een goede professional blijft te allen tijde positief ten aanzien van welke nieuwe ontwikkeling dan ook; het is beter te denken in mogelijkheden dan in doemscenario's.
Toepassing
Het leukste vind ik het om te kijken waar ik sociale media kan inzetten voor het leerproces van collega's, studenten of leerlingen. Of voor het vereenvoudigen van mijn werk. Om die reden heb ik er geen moeite mee om (oud-)leerlingen toe te laten tot mijn contacten. Dat houdt wel in dat ik voortdurend in gesprek ben met hen over wat ik hen zie doen, waar mijn eigen grenzen liggen en wat wellicht moreel of anderszins niet goed te behappen is.
(Als dingen écht de spuigaten uitlopen, vind ik ook dat je een meldplicht hebt ten opzichte van ouders en zelfs de betreffende schoolleiding. In verreweg de meeste gevallen kom je er samen met een leerling uit: die rectificeert of verontschuldigd. Verwijderen is ook een optie, maar altijd in combinatie met excuses.)
Sowieso vind ik mobieltjes een toevoeging aan de zaken die leerlingen meenemen in een leslokaal. Ik kan dan ook niet genoeg aanbevelen dat mensen experimenteren met de mogelijkheden van social media (of educatieve programma's als Socrative of GoSoapbox). Geloof me, als je goed gebruik maakt van de schier oneindige mogelijkheden van alle mooie techniek van vandaag en morgen, zullen leerlingen je lessen leuker en nuttiger vinden, hoe saai de stof ook mag zijn.
Ik geloof niet per se in projecten, tenzij ze goed zijn. Veeleer geloof ik dat het verstandiger is om social media te zien als zuurstof of voedsel; het is normaal gesproken voorhanden en je gebruikt het. Als het moet, moet het lesboek dan ook even worden neergelegd om het over social media te hebben; vooral in het geval van storingen, want die gaan immers voor.
Tips:
- Een goede professional onderzoekt mogelijkheden om social media toe te passen in zijn onderwijs.
- Een goede professional geeft anderen de vrijheid om fouten te maken in het digitale contact en evalueert deze om ze om te zetten in verbeterpunten.
- Een goede professional toont dat social media en mediawijsheid een welhaast dagelijks terugkomend fenomeen is in zijn lessen en werk en besteedt daar bewust aandacht aan.
Of ik compleet ben met deze opsomming weet ik niet. Ik krijg gráág aanvullingen. Het moge duidelijk zijn dat mijn persoonlijke bevindingen in een lange lijn staan. Niettemin mag al het hierboven staande worden opgevat als precies dat: persoonlijke bevindingen, maar ik ben net zo benieuwd naar argumenten tegen mijn stellingname als naar aanvullingen.
Abonneren op:
Posts (Atom)